10 veelgestelde vragen over vaccineren

Vaccinaties, ouders krijgen er vijf maal mee te maken voor hun kind anderhalf is. Dat is als ouder niet altijd even leuk, maar ze zijn wel nodig, juist op die jonge leeftijd. Alleen dan is het kind goed beschermd tegen gevaarlijke infectieziekten, zoals polio, kinkhoest en mazelen. Veel ouders hebben vragen over het nut en de noodzaak van vaccineren. Daarom vind je hier 10 van de meest gestelde vragen over vaccineren. Met natuurlijk de antwoorden!

1. Waarom zouden ouders hun kind moeten inenten?

Bij het doormaken van een ernstige vorm van een kinderziekte bestaat een risico op complicaties. Daardoor kunnen kinderen in het ziekenhuis belanden of soms zelfs overlijden. De laatste uitbraak van mazelen in Nederland was in 2013, in de regio Zuid-Holland. Daarbij is één kind overleden.

2. Wat zijn de gevolgen en de risico’s als een ouder zijn kind niet laat inenten?

Zolang de vaccinatiegraad boven de 95% is, zal een kind waarschijnlijk niet ziek worden. Maar de tendens is dat die vaccinatiegraad lager wordt. Daarmee wordt de kans op een besmettelijke ziekte groter.

3. Hoe werkt een vaccin?

Infectieziekten worden veroorzaakt door bacteriën of door virussen. Vaccins zorgen ervoor dat het immuunsysteem en daarmee het afweersysteem wordt geactiveerd. Het lichaam is  daardoor beter tegen de betreffende ziekten beschermd.

4. Waarom zo jong vaccineren? Is het niet beter om te wachten?

Nee, het is beter om snel te vaccineren. Deze ziekten kunnen juist voor heel jonge kinderen gevaarlijk zijn, en daarom moeten zij zo vroeg mogelijk beschermd worden.

5. Beschermt borstvoeding ook tegen de ziekten waartegen kinderen gevaccineerd kunnen worden?

Nee, via de borstvoeding krijgt een kind een tijdelijke bescherming mee tegen bepaalde ziekten, zoals darminfecties, maar niet tegen de ziekten waartegen je via het Rijksvaccinatieprogramma gevaccineerd kunt worden, zoals polio, difterie, kinkhoest en hersenvliesontsteking.

6. Waarom is er zoveel in het nieuws over vaccineren?

Dat heeft alles te maken met de werking van social media. Heb je een keer gezocht op een onderwerp dat met vaccinaties te maken heeft, dan zal de zoekmachine op andere (zoek)momenten dat onderwerp actief bovenaan de zoekresultaten zetten.

Dit betekent dat allerlei geruchten kunnen komen bovendrijven.  Zo is er een onderzoek over vaccinatie en autisme, dat steeds de kop op steekt. Dit kent echter geen wetenschappelijke grond en is weerlegd. Ook zijn er op het internet verschillende persoonlijke verhalen.  Ze voeden als het ware social media en het internet en maken mensen aan het twijfelen. Wetenschappelijk onderbouwde verhalen over vaccinaties komen op het internet veel minder voor. Dat zoveel vaccinaties goed gaan is geen nieuws en dus ook veel minder vaak een zoekresultaat.

7. Kan een kind autisme krijgen van de BMR-vaccinatie?

Nee. Het bericht dat er een relatie zou zijn tussen autisme en de vaccinatie tegen bof, mazelen en rodehond is de wereld ingestuurd door Andrew Wakefield. In 1998 publiceerde deze Britse onderzoeker in het medisch tijdschrift The Lancet een studie onder twaalf jongens, van wie enkelen volgens hun ouders gedragsproblemen kregen na de BMR-vaccinatie. Niet veel later werd de studie teruggetrokken wegens fraude. Wakefield verloor zijn artsentitel. Grootschalige onderzoeken, onder meer van de wereldgezondheidsorganisatie WHO toonden aan dat er geen enkel verband is tussen vaccinatie en autisme. Ook de Nederlandse vereniging van autisme heeft hier afstand van genomen. Toch zingt het gerucht nog rond op de sociale media.

8. Een kind heeft het BMR-vaccin gehad en kreeg toch een van de ziektes. Hoe kan dat?

Een vaccin werkt nooit bij 100 procent van de mensen. Soms slaat het niet aan en dan kun je alsnog ziek worden. Maar niet zo ziek als iemand die niet gevaccineerd is. Bij de vaccinatie tegen  BMR bouwt 95% van de kinderen die zijn gevaccineerd immuniteit op. Bij de overige vijf procent slaat het vaccin niet aan.

9. Zo erg zijn de mazelen toch niet?

De meeste kinderen genezen inderdaad van mazelen. Maar wel krijgen ongeveer 1 op de 20 kinderen er een longontsteking door. Toen er nog niet gevaccineerd werd tegen deze ziekte, liep bovendien 1 op de 1000 kinderen hersenbeschadiging op vanwege de mazelen. (bron: RIVM, Volkskrant 17-11-16)

10. Waarom is het erg om de mazelen, bof of rode hond te krijgen?

Deze ziekten zijn ontzettend besmettelijk. Naast het ziek worden, met kans op complicaties, kan een ongevaccineerd kind een ander ongevaccineerd kind makkelijk aansteken, bijvoorbeeld op school of een kinderdagverblijf.

Nog meer vragen en antwoorden lezen? Ga naar de website van CJG Lisse.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Call Now Button